De geboren Rotterdammer Abel Tasma 1 april 1951 volgde lessen bij verschillende kunstenaars, waaronder Biemans, Leo de Jong,Marian Klapwijk en Siapatie op Bali ( Indonesië ).
Hij is als schilder autodidact, een bewuste keuze om zijn gevoel en inspiratie niet te laten beïnvloeden. Abel Tasma laat zich wel inspireren door stromingen rondom de Cobra-groep. Hij is in zijn werk altijd op ontdekkingsreis, zoals zijn voorvader Abel Tasman
Ontdekker van o.a. Tasmanië en Nieuw Zeeland.

Abel Tasma is trouw gebleven aan een spontane, op de verbeelding gerichte schilderkunst, waarin figuratie en non-figuratie elkaar in een surrealistische sfeer afwisselen. Het experimenteren met de materie maakt daarbij wezenlijk deel uit van het verbeelden. Zijn objecten zijn solide en doorleefd, alsof ze de beproevingen van de tijd reeds hebben doorstaan. De fascinatie met tribale culturen vormt een belangrijke inspiratiebron; geboorte, dood, terugkeer, en rituelen, met name symbolen van de verbondenheid tussen mensen en de kringloop van het leven.
 
Als voorlopige kroon op zijn werk ontving Abel Tasma in 1998 de culturele aanmoedigingsprijs van de stad Rotterdam.